Troosten
Troost voor het kind in mij
Troost mijn kind
Ik neem je op schoot
Ik wieg je zachtjes
Ik houd je tegen mij aan
Ik koester je
In de geborgenheid
Van mijn armen
Ik luister naar
jouw onbedaarde snikken
de veel te snel
uitgesproken woorden
het schokken
van jouw lijfje.
Ik zie de tranen
in je ogen
ik kus ze op
Ik zie de wond
Op jouw hartje
Of op de knie
Als het schokken langzaam uitdooft
als de tranen langzaam opdrogen
Als het verhaal verteld is
Dan pak ik
Een pleister
En verzorg jouw wond.
Troost voor jou, de volwassene naast mij
Troost jou volwassene
Ik luister naar jouw woorden
Ik raak je niet aan
Ik los het niet op
Ik spreek het niet tegen
Ik verzacht het niet
Door mooie, sussende woorden
Ik kan het er bij uithouden
Ik geef je mij
Ik ben er namelijk
óók geweest
Ik ken het daar
De hel, die ik ontkende, toen
En die ik nu ineens (weer) zie
Ik geef je ruimte
voor je woorden
voor je tranen
voor je boosheid
voor je machteloosheid
Ik kijk naar je en zie je
Ik ben stil
Ik houd het uit
Omdat het in mij
Resoneert
Ik ook…
Ik heb vertrouwen
dit kom je te boven
Ik deel je mij
Ik zeg je wat
Je woorden met mij doen
waar ze mij raken
Waar ze mij aan herinneren
Wat mij hielp
mogelijk jou ook??
Ik hoor je als je zegt:
Nee, mij troost het niet
Ik vraag: wat heb je
van mij nodig?
Je zegt: Je oor!
Je begrijpende blik
Je aanwezigheid